Sin-Ergy← Terug naar Sin-Ergy
Field Note 02Projectupdate

Onderhoud en beproeving van vermogensautomaten op een offshore-installatie

Tijdens gepland onderhoud inspecteerde, onderhield en testte Sin-Ergy negen laagspanningsvermogensautomaten op een offshore-installatie in de Noordzee. De werkzaamheden combineerden mechanisch onderhoud, contactweerstandsmetingen en gerichte beproeving van beveiligingsfuncties. Zo ontstond per vermogensautomaat een actueel beeld van de technische conditie, de werking van de beveiliging en relevante aandachtspunten voor toekomstig onderhoud.

OffshoreVermogensautomatenProtection testing
Onderhoud aan laagspanningsvermogensautomaten op een offshore-installatie
Gepland onderhoud op een offshore-installatie in de Noordzee

Negen vermogensautomaten binnen één onderhoudsvenster

De werkzaamheden vonden plaats tijdens een gepland onderhoudsvenster op een offshore-installatie in de Noordzee. In totaal ging het om negen laagspanningsvermogensautomaten: Schneider Electric Masterpact NW en ABB Emax, met nominale stromen van 800 A tot 5000 A en systeemspanningen tot 690 VAC. Door verschillende uitvoeringen en beveiligingseenheden binnen dezelfde installatie vroeg iedere automaat om een eigen beoordeling. De spreiding in vermogens, uitvoeringen en aanwezige functies maakte een uniforme eindconclusie zonder beoordeling per asset niet passend. Daarom zijn de waarnemingen en testresultaten per toestel opgebouwd en niet alleen als totaalresultaat voor de installatie.

Service engineer Mark de Vries voerde het werk op locatie uit. Voor deze offshore-inzet beschikt hij over BOSIET/HUET offshore training. De voorbereiding was gericht op een systematische uitvoering binnen de beschikbare onderhoudsperiode, met behoud van een duidelijk dossier per afzonderlijke vermogensautomaat.

Mechanisch onderhoud en elektrische controle

Per vermogensautomaat zijn meerdere inspectiepunten systematisch beoordeeld. De mechanische inspectie omvatte onder meer de algemene conditie, hoofdcontacten, arc chutes en het bedieningsmechanisme. Ook closing en opening coils, hulpcontacten, bedrading en aansluitingen zijn gecontroleerd. Bij de uittrekbare uitvoeringen kregen daarnaast het rackingmechanisme, de standindicatie en de mechanische en elektrische interlocks aandacht.

Na inspectie en onderhoud volgden elektrische metingen. De hoofdcontactweerstand werd per fase gemeten. Waar een beveiligingseenheid aanwezig was, zijn de relevante beveiligingsfuncties gecontroleerd en beproefd, onder andere door secundaire stroominjectie. Niet ieder controlepunt was bij iedere uitvoering van toepassing; dit is in de afzonderlijke beoordeling herkenbaar gehouden. De combinatie van inspectie, onderhoud en testing maakt zichtbaar of de mechanische conditie, elektrische verbindingen en beveiligingsfunctie gezamenlijk passen bij verdere inzet.

As-found en as-left meetwaarden

Bij één van de Masterpact-vermogensautomaten bedroeg de gemeten contactweerstand vóór onderhoud 9, 10 en 9 µΩ over de drie fasen. Na uitvoering van het onderhoud werden waarden van 6, 6 en 6 µΩ vastgelegd. In het rapport staan deze reeksen afzonderlijk geregistreerd als as found en as left.

Die vergelijking maakt de gemeten uitgangssituatie en de toestand na onderhoud inzichtelijk. Een lagere meetwaarde is op zichzelf echter geen universeel bewijs van een reparatie of kwaliteitsverbetering. De betekenis moet altijd worden beoordeeld in samenhang met het type vermogensautomaat, de meetmethode, de onderlinge faseverdeling, de inspectiebevindingen en de specificaties die voor het betreffende toestel gelden.

Beproeving van beveiligingsfuncties

De geïnstalleerde beveiligingseenheden bestonden uit Schneider Electric Micrologic 5.0 A en 5.0 P en een ABB PR121/P. Afhankelijk van de aanwezige unit en ingestelde functies zijn Long Time, Short Time en Instantaneous gecontroleerd. Bij protection testing worden niet alleen de instellingen overgenomen: de betreffende functie wordt met een passende teststroom beproefd en de daadwerkelijke triptijd wordt geregistreerd.

Een concreet voorbeeld uit de beproeving is de Instantaneous-functie van de ABB-unit. Bij een teststroom van 5000 A werd een triptijd van 0,014 s gemeten. Zo’n waarde krijgt betekenis binnen het volledige testbeeld: de ingestelde functie, toegepaste stroom, gemeten triptijd en het resultaat worden bij dezelfde asset vastgelegd.

Functioneel PASS, met een conditie-aandachtspunt

Bij één vermogensautomaat in het Emergency LV Switchboard waren zichtbare burn marks aanwezig op de arcing contacts. De hoofdcontacten waren niet beschadigd. De automaat behaalde het functionele testresultaat PASS, terwijl de technische conditie als Fair werd beoordeeld en de waarneming afzonderlijk werd vastgelegd.

Deze bevinding laat zien waarom een testresultaat en een conditiebeoordeling naast elkaar nodig zijn. Een vermogensautomaat kan de uitgevoerde functionele beproevingen goed doorstaan en toch zichtbare sporen hebben die bij volgende inspecties of onderhoudsmomenten aandacht vragen. Door het onderscheid expliciet te documenteren, blijft zowel de actuele functionaliteit als de condition-based onderhoudsbehoefte inzichtelijk.

Conditie, lifecycle en Asset Passport

Technische conditie en product lifecycle beschrijven verschillende aspecten. De Schneider Electric-vermogensautomaten hadden in het rapport lifecycle-status Classic; de ABB Emax had status Limited. Een toestel kan technisch functioneren en toch tot een oudere of beperkt ondersteunde productgeneratie behoren. Onderdelenbeschikbaarheid en fabrikantondersteuning kunnen daardoor op termijn beperkter worden, wat relevant is voor onderhoudsvoorbereiding en toekomstige vervangingskeuzes.

In het digitale Asset Passport worden per vermogensautomaat de meetwaarden, beveiligingsinstellingen, inspecties, foto’s, findings en lifecycle-informatie bij elkaar gehouden. Alle negen vermogensautomaten kregen na de uitgevoerde werkzaamheden het resultaat PASS. Relevante aandachtspunten zijn afzonderlijk vastgelegd. Daarmee geeft het dossier niet alleen een momentopname, maar ook een technische basis voor vervolgkeuzes rond conditie, beveiligingsfunctie en toekomstige onderhoudsbehoefte.

Negen vermogensautomaten beproefd en afzonderlijk gedocumenteerd